Het namaals is híer

Ik loop niet meer van huis af, ik loop naar Italië tóe. Ik kan de dagen die verstreken zijn niet meer zomaar nalopen, en een flink deel lijkt al eeuwen geleden. 
De praatjes die ik maak met de mensen worden er grappiger op: ‘naar Rome lopen’ klinkt pretentieus, maar als je al bijna 50 dagen achter je hebt, kijken de mensen er anders tegenaan. Soms word ik gezien als een werkelijk vreemde, een reiziger waarvan verwacht mag worden dat hij met kalme stem onvoorstelbare helderheden uitdeelt. Daar wil ik best aan mee doen, maar liever wil ik weten hoe oud dat tractortje is, hoe het zit met die houtstapels, of waar de bio-zaak is, voor m’n verdammt gesunde groentesapje. 
De route naar Augsburg, oei, laat ik het ongeïnspireerd noemen. De stad maakt dat ruimschoots goed. Geweldig. Terrassen! Sleutelrol speelt de familie Fugger. Rijker dan de Medici, natuurlijk door de pauselijke en keizerlijke financiën af te handelen en oorlogjes te financieren. Dat zal niet helemaal netjes gegaan zijn. We zijn er nogal kritisch op, banken, graaien, smeergeld, maar er is een stok achter de deur: het hiernamaals. Komt het einde inzicht, dan gaat het geld naar goede werken, wil men inspireren. Want je wilt in de hemel komen. Ook nu nog, al is het hiernamaals tegenwoordig gewoon hier benee: hoe wil je herinnerd worden? 
De tweede hoofdfiguur in Augsburg dacht daar niet over na toen hij pal achter z’n 95 stellingen ging staan. We kennen hem allen: Luther. Tjee, wat een kerel. 

Mag ik in dit verband ook even een liedje aanraden? ‘Death to Everyone (will come)’ van Bonnie Prince Billy. ‘Cos life is long, and tremendous’. 

 

Vanaf Donauwörth, waar ik voor Pasen gebleven was, door akkerland zuidwaarts. Met groentesap.

  

Ik eet elke dag gevulde pasta in bouillon of restje groentesap, hier met gedroogde paddestoelen en erover geraspte kaas

  

In bos geslapen. Ouder productiebos, daar komt de ochtendzon zo mooi door. (7 april, nachtvorstje)

  

Druisheim, piepklein kerkje met lekker vette 3D barok.

  

Ex-voto’s, heerlijke huisvlijt waarmee men genezingen toeschrijft aan iets heiligs.

  

Augsburg. Hoofdkantoor MAN, opgericht door Rudolf Diesel. Ik dacht dat Augsburg niet gebombardeerd zou zijn, maar met ook de Messerschmitt fabrieken in de stad kan dat niet uitblijven.

  

Hans Holbein, veel panelen in de Dom. Wow.

  

Hét portret van Luther. Door Cranach de Oudere. De andere man is zijn keurvorst. Luther had zo dik gelijk, dat binnen de kortste keren de hele duitse kerk hervormd werd, met steun van de machthebbers.

  

Luther’s hervormingen waren nog niet bedachr, of Jakob Fugger de Rijke liet dit sociale woningbouwproject bouwen, toch zo’n 350 jaar voordat het mode werd in NL. Actuele huur € 0,88 per jaar.

  

8 april Ik kom Augsburg niet uit zonder een terras, en de Sankt Ulrich, zo’n fijne multi-tijdperken-stapelkerk.

  

Bevers. Effe n boom omknagen. Overal langs de Lech.

  

Dat groene stuk ondertapijt, dat ligt er voor mij! Dutje!

  

Eén van de 3 mooie plekjes langs de Lech. Met vastvriezende ochtendnevel, had ik kunnen weten.

  

Schlemmerkuchen, halve taart voor € 1,80. Jahoor.

  

10 april, Felser Hütte balkon. Ineens denk ik: tijd om te schilderen!

  

Bluf: top-uitzicht, Beierse vlag, maar die slaapzak zo, dat is niet prettig met knaagdieren in de nacht. Dus tent erover, later.

  

Lech-höhenroute. Weer veeel verschil tussen de meegenomen track en de paden op de grond. Wel leuke route.

  

De Lech is tam van de stuwdammen nu, maar nog in 1911 was het een rauwe, dynamische vlechtende rivier.

  

Een landschap met zo weinig elementen. Knalgroen gras, dennebomen, schuurtjes, weggetjes. En tienpersoons-kerkjes.

  

Alle drama van lokatie en architectuur uitgemolken. Schloss Neuschwanstein, beter bekend als het origineel achter het Disneykasteel.

  

Zoek altijd de alternatiefste tent. Ze hadden bietensalade, ik wilde soep. Hebben ze de salade in soep veranderd. Knap en lekker.

 

Tussendoortje: uitrusting

   

Samen met Pasen in een Ferienwohnung: heerlijk. Een warm bad van liefde en een spijkerbroek. 

Maar papa moet wel even alles wassen, schoonmaken, nalopen en aanvullen. 

Leuk om even te laten zien hoe veel ik toch nog bij me heb. Al vindt Suze dat het lichter is dan haar schooltas. (Klopt niet hoor)
1
De rugzak, alle vakken bij elkaar 2300 kubieke inch, 36 liter. Het is 1 simpele zak, zonder frame, met simpel draagstel. Buitenop zitten twee flessenzakjes, één groter net achterop, en een deksel. Op de linkerheupband zit een rood zakje voor de telefoon. 
2
Bovenin het deksel van de rugzak:
- papieren (rood tasje), portemonnee
- accu en laadsnoeren
- zakmes
- koptelefoon, waterverfsetje, blaadjes zeep. 
- schrijfboekje en pen. 
- geel foudraaltje met zalfjes ea
3
De rugzak krijgt z’n stevigheid van 
- het matrasje (geel). 
- tent en stokken
- slaapzak (zwart)
4
In het hoofdvak:
- bodywarmer (boven, zwart)
- lakenzak (blauw)
- kleding (blauwgroen; avondsokken, ondergoed, truitje, overhemd, lange onderbroek)
- pan met beker, brander en windscherm erin
- foudraaltje (donkergrijs) met massageolie, kompas, voetenspul, kam, etc
5
Buitenop:
- zonnebril
- 2 x 250 cc brandstof
- regenkleding (khaki)
- thermos, 1 literfles, 1 liter opvouwbare fles (paars), lepel. 
- grondzeil ( op de foto zit die al in het netje van de rugzak)
6
Wat ik aan heb. 
Hieronder nog wat foto’s. 

 

samen in Rothenburg

De meiden in een jachtstoel

  

Paasvuur in de buurt. Heet!

  

Onder handen genomen door Suze met de make up test app van L’Oreal. (Marketing gericht op meisjes…)

 

Staartje

De WordPress app is wat weerspannig. Het staartje van de Rheinsteig en aansluitend de Rheinterrassenweg naar Worms stop ik even in deze post, vanuit de bieb van Bensheim. 

Worms vind ik wat tegenvallen. De US Air Force was here, dus geen mooi stadshart, maar een optelsom van oud, herbouwd oud, ge-herinterpreteerd oud, na-oorlogs en echt nieuw. 
In het Nibelungenmuseum beklaagde de schrijver van het Nibelungenlied zich in de audiotour over iets soortgelijks. Dat Wagner zijn verhaal met de IJslandse Edda had gemengd, dat Fritz Lang er een film van had gemaakt die de Duitsers weer wat zelfvertrouwen moest geven na WO1, dat Hitler zijn Siegfried had misbruikt en dat Hollywood deed wat het wilde met draak, goud, ring, vloek, zwaard, onzichtbaarheidsmantel en helden.
Ach, ik kende de Nibelungen alleen van Suske en Wiske’s ‘Ringelingschat’, met Bikfried als de held. Twee middelbareschoolvrienden gaven zelfs een tijdschrift uit over Siegfried. 

Boodschap: mensen zoeken verhalen. Vinden ze die, dan rommelen ze ermee tot ze in hun straatje passen. 

Met zus Marijke op weg naar Mainz. Bij elke stopplaats word je aan je jasje getrokken over wijn.

  

Slot Biebrich, Wiesbaden

  

Voor het contrast wat kleurrijke industrie.

  

Prachtig weer, lekker eten en wijn bij Pomp, Mainz

  

De Dom van Mainz heeft 92 graven en gedenkstenen, maar geen rondleiding deze keer.

  

Mainz uit, en al na een uur een schat gevonden, dankzij mijn vrije route. Prachtige opgraving can Romeinse graven-straat in kantorenwijk.

  

Op de navigatie zie je goed hoe de Rheinterrassenweg loopt: op of langs de wijnhelling, die doorsneden wordt door evenwijdige weggetjes.

  

‘Rotliegend’ heet de wijn die bij Oppenheim boven de Rijn op zandsteen groeit.

  

Ontbijtinnovatie. In Schotland gebruikte ik altijd melkpoeder om de havermout te maken zoals thuis. Hebben ze hier niet. Eerst gecondenseerde melk geprobeerd, daarna slagroom en hierboven kookroom. Werkt! Ook bosbessen.

  

Bron, op de kaart ontdekt, blijkt middeleeuws én met mooi kampeerveldje erbij.

  

Holle weg in dikke laag Löss,

  

Aan de noordelijke horizon het financiële hart van Europa, Frankfurt.

  

Worms zit raar in elkaar.

  

… met hier en daar een mooi stukje.

 

Überregionale Premiumwanderweg

Ik kan het niet laten, nog een ronkende Duitse titel. Het wandelpad in kwestie is de Rheinsteig, rechtsrheinisch in mijn geval. En Premium is-ie. Ik kan de zaak met 1 zin samenvatten: het cultuurlandschap is op elke schaal boeiend. Zie de foto’s.

Eigenwijze Pelgrim Klaas had de Eiffel overgeslagen en moest dus hier op de steile hellingen zijn klimspieren kweken. Toen er op dinsdag en woensdag bakkende zon bijkwam (diezelfde die voor de heerlijke wijn zorgt) werd het wel even pittig. Vier nachten kamperen in bos en op heuvel is heerlijk. Op zondag sprak ik met mijn zus af dat ik donderdag in Martinsthal zou zijn. De hanenpoten-tracks op mijn telefoon zeiden dat dat 120 km was. Ik begon dus net een rustdag van 21 km naar Braubach. Later daagde het mij dat de afstand eerder 130 leek te zijn, ook met een paar afsnijdingen. 

Zo’n pad, onderhouden, bewegwijzerd en gedocumenteerd, kost geld. Dat wordt betaald door ‘partners’. Hotels, wijnboeren en gemeentes. Iedereen roept dat ie erbij hoort. Zo krijg je ook wat nadelen kado: veel commerciële uitingen onderweg, en een route die het soms wat te bont maakt bij het aaneenrijgen van álle dorpjes en uitzichtpunten. Gelukkig ben ik een vrije vogel, en kon ik de Rheinsteig soms eens laten voor wat ie was en even boven op de akkers blijven, waar de rode wouw heerste. 

Donderdag in Martinstal met zus en zwager lekkere wijn gedronken en bijpassend gegeten. Vandaag (vrijdag 20 maart) met m’n zus naar Mainz gelopen. Een buitengewoon genoeglijk dagje, door zonovergoten wijngaarden, stadsrand en industrie, met een riante lunch als slot. Fijne stad, Mainz. 

Bad Ems werd bezocht door koningen, de keizer en de tsarina. Onderdrukkers van toen die tegenwoordig leuke cafénamen opleveren.

Nou moet je ophouden!

Geinig: lokaal mini wandelingetje over Freiherr von Stein, in Frücht.

Fritz-Eck, de bruinste kroeg van Braubach uit 1597. Stugge waardin vult wel de waterflessen.

Mensen willen allemaal hetzelfde

een temperatuurinversie verandert de Rijn in een Nevelrivier.

We zijn in het zuiden: veel meer wegkruizen en kapelletjes.

Maria heeft mij geholpen! Mij nog meer!

De Rheinsteig stijgt! bovengekomen moest ik terug, de burcht waar het pad doorheen loopt was nog gesloten.

Burg Maus: schi-te-ren-de droogstenen muren.

Gezellig, drie studenten met kampvuur.

Rijke begroeiing, hagedissen, veel gorzen en allemaal planten die ik niet ken.

Steil naar benee naar Kaub, waar de weinstubes dicht zijn …

… maar Benno’s biker-tent open, ook voor voetgangers. Warme sfeer.

De zon, wel boven de heuvel, niet boven het bos.

De hoek om, oostwaarts naar Mainz. Het Rijndal is hier weer wijds.

7u ochtend. Abdijkerk van Sint Hildegard. Geraakt, en mis bijgewoond.

Schloss Johannisberg, de parel hier. Thomas Jefferson was hier in 1778.

Wijn en chemie, lastig. Maar dit zijn geurstoffen van BASF om motjes in de war te brengen.

Eerste ijs. Makkelijk warm genoeg voor.

Winterreise

Wat een sensatie. Ik zie alles, en alles klit aan elkaar tot een waterval van gedachten en beelden. Heerlijk. 
Lees de bijschriften maar. Hieronder het resultaat van wat gedenk. Pelgrimeren is beschouwen, en terugvliegen door je leven. Je krijgt in je dromen bezoek van de raarste tantes en buren, en van Bill Clinton. 
Ojee, ojee ons romantische wereldbeeld. Waarin we unieke individuen zijn die op zoek moeten naar ware liefde en geluk. Dat beeld levert een hoop ellende op. Al die zoekende lui. Met betrekking op mijn route: ook landen gingen zichzelf uniek vinden, en bedachten allerlei redenen waarom ze zo speciaal waren (Storytelling heet dat nu, kijk uit). Sterven voor het vaderland was een tijd erg in de mode. 
Mijnwerkers, steenkoolbranders, soldaten, wat een lijden kom ik tegen. Die benaming ‘soldaat flierefluiter’ die ik verzon, daar kun je ‘soldaat’ wel van schrappen. Vijf minuten koude vingers van het ont-ijzen van mijn tent, dat maakt je geen soldaat. Het woord ‘ontberingen’ mag een pelgrim zoals ik niet gebruiken. Denk toch aan alle jongens en meisjes die zónder tent in de kou wakker worden, zónder eten, onder vijandelijk vuur of met weer een dag in een mijn voor de boeg. En die ‘wandelen’ helemaal niet kennen. 
Mijn generatie kan zich dat lijden niet voorstellen, en het ook niet meemaken. En we moeten het ook niet wíllen meemaken, want dat het lijden ons zou louteren en een beter mens zou maken, was dat niet één van die hardnekkige verhaaltjes uit de romantiek?

citymarketing: met het gebeente van de drie koningen in je Dom, wint de stad aanzien en macht.

Duidelijk ontaarde kunst, verbranden dus, vonden de nazi’s. Ludwig Haubrich ging ertegenin en bleef verzamelen. Museum Ludwig, Keulen.

Dit was alles wat ik van het Romeinenmuseum heb gezien. Roemenen.

Keulen kan er enorm zuidelijk uitzien. Pantaleon Basilika, 9e eeuws.

‘Wat doe je nu?'; ‘Ik eet yoghurt bij een aspergeveld’. Dat is niet gek, veel gekker is dat ik zonder hond loop.

Gribusplek. Je ziet mijn warmte, en het ijs dat ik afschudde.

Ook industrie kan romantisch zijn. Dat hebben ze liever.

Nieuwe muts. Grote verbetering. (Je ziet dat ik zonder jas loop, na nachtvorst is het al om 10u warm genoeg. )

Serveerster vind dat de tent wel over een bank kan drogen. Witte wijn op komst

Bad Godesberg. Villa van de toenmalige Britse gezant. veel villa’s, mausoleums, internationale school in dit Wassenaar van Bonn.

Drachenfels met aak.

Mooi winterweer aan de Rijnoever.

Nou ja! Kom ik toch lievelingskunstenaar Hamish Fulton’s werk tegen. Hij liep 2838 km als kunstwerk. Hij schreef me een kaart, dat hij niet begreep dat ik zijn catalogi wilde vormgeven. Hij had gelijk en ik moet die kaart terugvinden.

Goed nieuws: de veerboten die de Rijnoevers bedienen, worden lokaal gebouwd.

Mooie verhalen genoeg over de Brug bij Remagen. Maar het was gewoon een slachtpartij natuurlijk. Trap er niet in, oorlogsverhaaltjes.

Linz en de aalscholvers vanaf de brug over de monding van de Ahr.

De Fluxus-beweging zou dit ‘ongeregisseerde choreografie voor burcht, aak, man en machine noemen. Maar zoveel dingen zijn onbedoeld.

De eerste wijn, en de Rheinsteig.

Om 3 uur al gestopt, op deze Streu-obstwiese. Dat bordje rechtsboven duidt Romeinse Wachttoren 1/7 aan.

Zuinig met water: bouillonblokje bij de pasta, dan kun je het afgietwater opdrinken.

Vooroordelen aan de kant! Deze man is vegetariër, luistert dubstep, en gaat NIET naar Thailand op vakantie.



Je wijkje steekt wat lullig af tegen de superstrakke Romeinse militaire gebouwen.

Mensen móeten weten wat ik kom doen in hun lievelingsbos.



Heel interessant: een wachttoren-reconstructie uit 1912. Toen wilden ze graag denken dat de Romeinen het Germaanse vakwerk navolgden. = verbind je volk met een groots Rijk, dat voelt goed.

Donkere kookplek, lichte lichaamswarmte

Hee, geen zon!

Zo maak je het heel makkelijk om het Duitse Woud als eindoverwinnaar af te schilderen. Castellum en wachttoren.

Ze hebben hier hele luie bankjes voor na een stijve klim.

Postindustrielle Spontanvegetation

Een kathedraal is een ruimte die wat met je doet. Het is een grote, indrukwekkende ruimte, waar veel is gebeurd. Er is heiligheid. 

De gebouwen van werelderfgoed Zeche Zollverein doen ook wat met mij. Ze zijn groot, perfect van proportie, en zo zonder herrie en mijnwerkers en kolen zijn ze veranderd in een monument, een tempel voor de industrie. Tijdens de rondleiding bleek ook dat er binnen veel gebeurd is. Duizenden tonnen kolen werden zonder al te veel achting voor arbeidsomstandigheden uit de aarde getrokken en verwerkt. Kortste samenvatting: duizenden mannen stierven hier langzaam, van het stof, of snel, als ze misstapten. De gids lepelde droge feiten op, die ons ongemakkelijk deden grijnzen. 
Vanaf het dak overzagen we het terrein en de vijf steden om ons heen, die dankzij deze enorme machine in welvaart baden. Er is zelfs weer groen: Postindustrielle Spontanvegetation. 
De volgende dag liep ik het centrum van Essen in. Daar vond ik de Dom. Klein, maar al in 874 gesticht door Altfrid. Die liep naar Rome en kwam terug met relikwieën. 
De Domschatz liet even zien hoe je dat doet, heiligheid bestand maken tegen de eeuwen. Prachtig versierde relikwiehouders, ook klein, zorgen ervoor dat de heiligheid indrukwekkend is, inspireert, en portable is. Voor als de Engelsen met brandbommen komen bijvoorbeeld. Ha, ja, ik ben niet van de leuke voorbeelden geloof ik. Maar wel toepasselijk, want ook in Essen moet je kilometers lopen om een gebouw ouder dan 1945 te vinden. 
Zeche Zollverein was gebouwd om 50 jaar rendabel te zijn en dan in te storten. Het uitroepen van de Unesco-status is lastig: elk gebouw moet nu eigenlijk opnieuw gebouwd worden. 
Museum Folkwang kwam als toetje. Ook een tempel. Een hele strenge, met dank aan Jan Schoonhoven en Andreas Gursky. 
Binnen het uur ben je van dat museum in het bos. Heerlijk. 

Hünxe (5 maart): een arm dorp, naamgever van de Raststätte aan de autobahn.


Lange boswegen op weg naar Bottrop. Pijn aan mn linkerscheen (verdween de volgende dag)

Met mijnbouw-restmateriaal zijn er 100 bergen gemaakt hier. Halde Haniel heet deze.

Baskische kunst op de ‘kraterrand’

Even de clichees bevestigen hoor: Bochum.

Het theater in de krater, beoogd stuntkampeerplek.

Toch een ander plekje, met even IJslands uitzicht.

Schotland schaal 1:10

Altijd de witte X, goed opletten welke.

Car of the day, voor JP

Canary in a coalmine.

Decadent gegeten. Wegens vertraagde espresso kreeg ik dit (ik citeer tutje 1) “Riesenstuck Brownie”

Trappenhuis Ruhrmuseum

In een naburig gebouw kunnen 3000 mijnwerkers zich gelijktijdig wassen.

Wandervogel!

Roltrap Ruhrmuseum

Toen: wagentjes keren (80dB) en kolen met de hand sorteren (teveel stof om iets goed te bekijken)

Neem de rondleiding. Voert naar de ingewanden van de fabriek. Eng!

Transportband naar de cokes-fabriek.

Alle spoorwegen zijn nu voetpaden.

De gids had hulp van prima animaties, geprojecteerd op de machines.

Kolenzeef (doorsnee 7 m)

Kokerei, zijn ze aan het behouden.

Kokerei, voor cokes waar je het puurste staal mee kunt maken.

Zollverein Schacht 12, icoon van het Ruhrgebied.

Wist-je-datjes ongesorteerd

 

  • Rond zonsopgang (7.15) aan de wandel is het fijnst. Kan ik bij het opstaan zonder licht.
  • Ik loop voor de lunch 20-25km, dan lekker zitten eten, en dan nog wat. Loop op bospad of weg 6km per uur, waarmee ik ieder uur 5 km afleg, want ik zie ook nog van alles waarvoor ik stop.
  • Ik zag gisteren mijn eerste zwarte specht. Hoera voor de hardste roffel around.
  • Ik zie dagelijks reeën, een havik of een zilverreiger. Vier soorten mezen is niet ongewoon, plus boomklever en -kruiper en veel vinken.
  • Ik neem onderweg een thermos thee mee (0,5 l), en sjouw nooit water. Behalve einde dag 2 liter voor avondeten en ontbijt.
  • Groentesap graag!
  • De uitrusting klopt, de rugzak voelt heerlijk licht (met thee en wat eten meestal onder de 8 kg denk ik)
  • De tent van Henry Shires is nog beter dan de andere die ik van hem heb: de ventilatie is zo goed dat ik zelfs bij -3 weinig condens heb. Knap!
  • Je kunt de tent inderdaad in 1:30 goed strak opzetten.
  • Ik eet pap s ochtends, en veel thee. Warm op pad.
  • Natte tent afbreken zonder handschoenen, anders zijn die meteen nat.
  • Na aankomst eerst eten opzetten, dan loopsokken uit, Gewohl voor de voeten en Weleda olie op de kuiten masseren.
  • Pijntjes? Ja, maar nooit alarmerend lang op dezelfde plek.
  • Wildkamperen kan goed hier.
  • Pension of Hotel (nu de tweede): moet wel eens een keer, maar liever niet. Duur, warm, veel minder prettig dan tent. In de stad wel handig natuurlijk, vooral in deze tijd, je hoeft niet te boeken.
  • Nog geen muziek geluisterd.
  • Nog niet getekend of geschilderd.
  • Maar: de periode waar ik me voorheen een plan bij had bedacht, is voorbij. Nu begint het maagdelijke gedeelte. Iedere dag kijken waar ook alweer heen.
  • Tot slot:

Duits

Schwerpunktbücherei
Abschleppdienst
Schilfdickichts (rietland)
Heilpädagogin
Justizvollzuganstalt
Leergutautomat
Müllumladeanlage
Paragrafendschungel (papierwinkel)
Klarschlämmenterdungsanlage
Änderungsschneiderei (kleren verstellen)

Juist in een ‘gat’ kun je heel radicaal doen.

Slaapkamer!

Vochtig, heel vochtig.

Je kunt het beste vantevoren naar de website gaan, tracks downloaden en een kaartje printen. Sufferds. Dan is het toch geen struinpad?? Dus zet er voortaan in elk geval bij waar het heengaat, dan kan ik bedenken of het in mijn route past.

Leuk! Weer een clubje die een stickertje plakt…

Hier zie je hoeveel de track die ik meeheb (blauwe lijntje) verschilt van de werkelijkheid. Die is vooral veel langer.

Kijk, zo hoort het. Gekocht in de molen van Xanten.

Handwasje

Christus? Te ver weg.

Sinds ik afgelopen maandag uit Nijmegen vertrok is me weer wat meer duidelijk geworden. Dat was de bedoeling toch?

Dingen waar ik me een voorstelling van maakte pakten anders uit, en waar ik m’n neus achterna liep, werd ik verrast. Geen nieuws.

In Nijmegen vond ik de manier waarop in de kerkdienst Christus werd ingezet en aangesproken maar moeizaam. In de Nicolaikirche in Kalkar was het houtsnijwerk overdadig, maar ook al wat oud (1490). Ik liep dan ook wat routineus de St Viktor in Xanten binnen. Heel mooie altaren, heus. Ach, een crypte, laat ik die ook even binnenlopen, vast nog wat relikwieën. Oei, wat was die crypte lelijk!

Maar wat kwam hij hard binnen!

In de crypte liggen namelijk mensen begraven, die hun nek uitstaken voor wat zij de waarheid vonden. Over de kerk, en over de Nazi’s. Dat laatste overleef je niet. Ook niet als je pas 24 bent.

Gaat mijn pelgrimage dan langs mensen die ons voordoen wat het goede is? Zoals Jezus, maar dan een stuk meer recht in je gezicht, want veel korter geleden?

Een andere geweldenaar die indruk maakte was Joseph Beuys, in zijn eigen heiligdom Schloss Moyland. Zo’n figuur lijkt het dan wel speciaal tegen mij te hebben:

“Elk kunstwerk (landschap) spreekt zijn eigen taal, heeft zijn eigen verschijningsvorm. Hoe een museum (landeigenaar) het ook tentoonstelt, de mensen zijn vrij om er in te zien wat ze willen zien. Of althans, ze zullen in de toekomst daarin vrijer zijn.” Met de laatste zin deelt hij een heerlijke sneer uit naar instructieve educatie, die de mensen vertelt wat ze móeten zien.

Zo, was ik effe door elkaar geschud.

Wil je weten hoe de reis gaat, lees even de onderschriften.

het is heel zonnig in het beloofde land

Kaffee und Kuchen jeden Tag

Slecht weer op komst onderweg naar Kleve

De grafsteen van een 18-jarige.

Kleve heeft geen Altstadt.

Joseph Beuys. U heeft de vrijheid om hier iets in te zien. Of niets.

Kalkar.

Kalkar, de voormalige snelle kweekreactor, nu Kernwasser Wunderland

Piepklein voetbalclubje. Slogan: Und der Acker bebt.

Torenvalk tussen de lijntjes.

Geen kampeerplek aangedurfd, dan ga je doorlopen.

Maan boven de Rijn

Heel hedendaags, vast de citymarketing-boyz

In de molen op de stadswal van Xanten mag je helemaal omhoog, onbegeleid.

Een van de jonge martelaren in de crypte van de kerk in Xanten.

Hooligans die kunnen tekenen. Schrijven is moeilijker.

Rijnoversteek naar Wesel op de oostelijke oever

Kerk vlak buiten Wesel, relief van rustende pelgrim.

Soms maak ik een foto van een plek als de tent al afgebroken is.

Puzzelen. Gelukkig heb ik een lijntje op de kaart om te volgen.

Een Straaltje Son…

Een Ohrenwurm is Duits voor een liedje dat hardnekkig in je oor komt zitten. Ik blijk een ballad van George Michael heel goed te kennen. Careless Whisper. Ik breng grof geschut in stelling, een lied uit het kabouter-repertoire van Sprookjes Wonderland in Enkhuizen. 

Een straaltje son, een plonsje waaaater het leven is niet duurrrr, we laten het groeien we laten het bloeien, wij zijn één met de natuuuurrrr. 

Op dag 4 regent het nogal. Het eindigt op een heel modderige kampeerplek. Op de locatie die ik mij had voorgenomen, jawel. En nee, zo werkt het dus niet. De volgende avond kies ik dus de plek die me plotseling aangereikt wordt, een groene weide op een heuveltop. Veel beter. 

Gisteren, dag 6, volgde ik het Lingepad. Door Zetten, waar ze de Rock n Roll niet hebben uitgevonden (wel de regel ‘1 washandje voor onder, 1 washandje voor boven). Herman Vuijsje beweert dat een man fantasieën heeft over plunderen en brandschatten, en ja, ik wil Zetten, uit medelijden, in een rokend zwart gat doen zinken. Net op tijd verschijnt zij, smaakvol gekleed, donkere krullen. Ik roep uit ‘hee een mooie vrouw’, en ze lacht. Zetten kan gespaard blijven van mijn toorn. (Haar repliek was ‘hee een mooie man’, en dat deed me nog even twijfelen over het lot van Zetten. Terugkaatsen van complimenten is nie goed). 

Vanmorgen in Nijmegen een lege winkelstraat en klokgelui. Dus: naar de kerkdienst. Ik doe de tegenstanders van liederen vanaf CD wat argumenten voor samenzang aan de hand. Samenzang Rulez!! Het geloven in een God en die aanspreken is me nog altijd ‘n brug te ver. 

Een kerkganger zegt: “je bent wel erg gestyled voor een pelgrim!”. Klopt. Is belangrijk. 

Vochtig, vochtig.

Open 1 april…

Kasteel Amerongen

een wat minder verstopt plekje

zonsopkomst, Kwintelooijen.

Grebbeberg vanaf veer Opheusden (60 cent)

de gelagkamer van Cafe t Veerhuys, met rechts een stel lokale gitaarhelden.

Drie zetten is ‘slaap’ in een stripverhaal, vier zetten is dorpsbrede narcose. Mooi logo weer.


Molen de Vink, zwoegend, wringend, werkend als een zeilschip. Schitterend. In de dierenwinkel ernaast mijn flessen gevuld.

jahoor, ga jij maar lekker kamperen in de bongerd!

de bouwboys zijn lekker aan t hobbyen bij Nijmegen.

naar de kerk in de Stevenskerk

Leuke stad, Nijmegen!

Authentiek Holland

Een reis zo dicht bij huis kan alleen maar verrassen, want ik dacht dat ik het hier kende. Het geld van Amsterdam, van beurs, culturele sector of penose, lekt de stad uit, hiernaartoe. De kassen van Aalsmeer verhullen van alles, de jachthavens van Loosdrecht stallen van alles, de neo-gestijlde nieuwe buitens langs de Vecht brallen van alles. Maar meer zilverreigers zag ik nooit. Als ik kijk doen ze elegant met hun hagelwitte veren. Loop ik verder, dan halen ze hun eten uit de modder. Maar dan Belle van Zuylen, bij kasteel Oud Zuilen: “Het kan toch niet zo zijn dat God het wezen dat gelooft, liefheeft, en het wezen dat niet gelooft, niet?”. De projectontwikkelaars, onmisbaar als risiconemers, overspeelden hun hand met de wolkenkrabber Belle van Zuylen (180m). Die kwam er niet. Dat heb je ervan als je de naam van zo’n vrouw ijdel gebruikt. 

Nu in Utrecht. Voelt goed!

Fort Vijfhuizen, mijn voormalige werkplek

In het atelier van Marcel van Kerkvoorde. Hij tekent zijn fietsreizen achteraf, vanuit zijn geheugen, in tientallen kleine potloodschetsen



Waar de geniedijk de A4 kruist , kruist er van alles

dag2, Aalsmeer uit met slecht weer.

Amsterdam Arena door de brug over de Waver

Botshol, zonsopkomst nadert, klaar voor vertrek

Dijkverzwaring langs de Winkel



Van ons geld kochten we prullen, maar het zijn wel ónze prullen. Loosdrecht.



Kroeg Broeder Franciscus in Maarssen verkoopt lekkere uitsmijters. Franciscus daalt net als Boeddha af tot tuincentrumspiritualiteit.

in de regen is de nep-18e-eeuwse-buitenhuisstijl van de projectontwikkelaars nog banaler, lijkt het.

Franciscusdreef here we come

Weerzien! Adelaarsstraat, Bemuurde Weerd. Op welk nummer woonde ze nou, die leuke van toen? Met een glimlach zie ik mijn woonplaats van 20 jaar geleden opnieuw.