No guru

No Guru No Teacher No Method. Mooie albumtitel van Van Morrison. Ik was in een niet erg gelukt stadje, Imst. Ik luisterde een andere plaat van hem, gezongen vanuit het hart, vanuit iets lager nog misschien. Of doe anders Neil Young als voorbeeld, die het bespelen van zijn gitaar nooit aan zijn verstand zal overlaten. 

Het wandelen heb ik meegekregen van mijn ouders. Kamperen ook. Dat opportunistische aan elkaar knopen van routes, het wildkamperen en het doorkruisen van lege stukken land, dat heb ik van niemand geleerd. Goeroes genoeg, maar ik put her en der wat uit bedachtzamer bron, Hamish Brown bijvoorbeeld. Teachers, eentje dan: Winky, die me op de Skye Cuillin leerde om me op te stellen als een “nimble, lightfooted ninja.” Wees nederig en licht, maar rijg ze aan je zwaard als je de kans krijgt. Kill. 
Method. Ik heb wel een systeem. Dat is deels omgezet in routine (ik kan zonder licht, in de regen, opbreken zoals een soldaat z’n geweer kan monteren) of in voorbereiding (ik heb na 25 jaar een kloppende uitrusting). Ligt de basis er, dan lijkt ‘niet nadenken’ voor het vervolg de beste oplossing. Óp dat systeem. 
17 april dan. Tussen Altfinstermunster en Nauders moet je de bus nemen, zo is vastgesteld. De hellingen zijn steil, de begroeiing ruig, de autoweg te gevaarlijk. Ik wist zeker dat je ook kon lopen, en dat dat ook gedaan werd door anderen. Dus zei ik ‘terug kan altijd’ en vond een route. Prachtig, over in onbruik geraakte wegdelen en door een tunnel uit 1854, maar ook 75m op handen en voeten steil omhoog. Dat noemde ik altijd knoeien, maar het is als lego-en, met niet het rationele nadenken als basis maar het zekere gevoel van ervaring en beoordelingsvermogen. Wéten. 
Een gems schrok op en een slechtvalk kekkerde, ik liet het gebeuren en stond ‘plots’ op het paadje naar de uitgang, bij de Festung Nauders. Hell yeah. Zo werd Oostenrijk op de valreep nog smakelijk. En ik opgewekt. Opgewekt uit de sluimer van de rechte paden. 
 

Maandag 13 april Oostenrijk in, met mijn vader (71). Leuk dagje.

  

De dichtheid van kruisbeelden neemt toe.

  

Hier stonden we 34 jaar geleden ook. ANWB-erkend, gevuld met winterharde caravans. Fijne douche.

  

Zugspitze bij Lermoos, en het fijne oostenrijkse systeem: geen route amen, maar plaatsnamen.

  

Ja, er lag wel eens 60 cm sneeuw opweg naar de Fernpass, maar dat was geen probleem. Wel nat.

  

Op de Fernpass. Fijne uitzichten.

  

Erg wennen aan het kaartbeeld van Kompass. Veel minder detail natuurlijk dan de inzoombare OpenCycleMaps

    

Een teder landschap, bij Dornitz opweg naar Imst op 15 april.

  

Sint Christopher is de populairste heilige, beschermer van lange-afstandslopers, met boom in de hand en het kindeke op de schouder.

 

Ik ging óver de snelweg E60, maar ik moest nederig zijn en er onderdoor, door een tunneltje van 1,80m

Schoenen wisselen om de nieuwe in te lopen. maar al in Landeck heb ik de oude weggegeven aan zwervers.

  

Landeck, lente

  

Aan het zeuren over te makkelijke paden? Hier! Pak aan!

  

Dit is tuttig, en ook vaag. Menig wandelaar die het best kan, keert terug, de zelfoverschatters lopen door.

  

De Schanklbach, Zwitserland in. onbegaanbaar.

  

Oude grensovergang Oos-Zwi bij Altfinstermunster.

  

De bordjes zeggen niets, maar als je ver genoeg doorloopt achter die boomstammen, kom je op een echt pad.

  

En dat brengt je hier: een tunnel uit 1854, en een recenr buiten gebruik gesteld wegdeel.

  

Links omhoog onder de boomstam door. De gems op de foto vind je niet.

 

Uitweg naast de moderne weg, Festung Nauders in zicht.

Behoorlijk onder de indruk.

 

Plekje 500m Italië in, kijkend richting Italië.

Gewoon doen zoals een 8-jarige het doet.

Het namaals is híer

Ik loop niet meer van huis af, ik loop naar Italië tóe. Ik kan de dagen die verstreken zijn niet meer zomaar nalopen, en een flink deel lijkt al eeuwen geleden. 
De praatjes die ik maak met de mensen worden er grappiger op: ‘naar Rome lopen’ klinkt pretentieus, maar als je al bijna 50 dagen achter je hebt, kijken de mensen er anders tegenaan. Soms word ik gezien als een werkelijk vreemde, een reiziger waarvan verwacht mag worden dat hij met kalme stem onvoorstelbare helderheden uitdeelt. Daar wil ik best aan mee doen, maar liever wil ik weten hoe oud dat tractortje is, hoe het zit met die houtstapels, of waar de bio-zaak is, voor m’n verdammt gesunde groentesapje. 
De route naar Augsburg, oei, laat ik het ongeïnspireerd noemen. De stad maakt dat ruimschoots goed. Geweldig. Terrassen! Sleutelrol speelt de familie Fugger. Rijker dan de Medici, natuurlijk door de pauselijke en keizerlijke financiën af te handelen en oorlogjes te financieren. Dat zal niet helemaal netjes gegaan zijn. We zijn er nogal kritisch op, banken, graaien, smeergeld, maar er is een stok achter de deur: het hiernamaals. Komt het einde inzicht, dan gaat het geld naar goede werken, wil men inspireren. Want je wilt in de hemel komen. Ook nu nog, al is het hiernamaals tegenwoordig gewoon hier benee: hoe wil je herinnerd worden? 
De tweede hoofdfiguur in Augsburg dacht daar niet over na toen hij pal achter z’n 95 stellingen ging staan. We kennen hem allen: Luther. Tjee, wat een kerel. 

Mag ik in dit verband ook even een liedje aanraden? ‘Death to Everyone (will come)’ van Bonnie Prince Billy. ‘Cos life is long, and tremendous’. 

 

Vanaf Donauwörth, waar ik voor Pasen gebleven was, door akkerland zuidwaarts. Met groentesap.

  

Ik eet elke dag gevulde pasta in bouillon of restje groentesap, hier met gedroogde paddestoelen en erover geraspte kaas

  

In bos geslapen. Ouder productiebos, daar komt de ochtendzon zo mooi door. (7 april, nachtvorstje)

  

Druisheim, piepklein kerkje met lekker vette 3D barok.

  

Ex-voto’s, heerlijke huisvlijt waarmee men genezingen toeschrijft aan iets heiligs.

  

Augsburg. Hoofdkantoor MAN, opgericht door Rudolf Diesel. Ik dacht dat Augsburg niet gebombardeerd zou zijn, maar met ook de Messerschmitt fabrieken in de stad kan dat niet uitblijven.

  

Hans Holbein, veel panelen in de Dom. Wow.

  

Hét portret van Luther. Door Cranach de Oudere. De andere man is zijn keurvorst. Luther had zo dik gelijk, dat binnen de kortste keren de hele duitse kerk hervormd werd, met steun van de machthebbers.

  

Luther’s hervormingen waren nog niet bedachr, of Jakob Fugger de Rijke liet dit sociale woningbouwproject bouwen, toch zo’n 350 jaar voordat het mode werd in NL. Actuele huur € 0,88 per jaar.

  

8 april Ik kom Augsburg niet uit zonder een terras, en de Sankt Ulrich, zo’n fijne multi-tijdperken-stapelkerk.

  

Bevers. Effe n boom omknagen. Overal langs de Lech.

  

Dat groene stuk ondertapijt, dat ligt er voor mij! Dutje!

  

Eén van de 3 mooie plekjes langs de Lech. Met vastvriezende ochtendnevel, had ik kunnen weten.

  

Schlemmerkuchen, halve taart voor € 1,80. Jahoor.

  

10 april, Felser Hütte balkon. Ineens denk ik: tijd om te schilderen!

  

Bluf: top-uitzicht, Beierse vlag, maar die slaapzak zo, dat is niet prettig met knaagdieren in de nacht. Dus tent erover, later.

  

Lech-höhenroute. Weer veeel verschil tussen de meegenomen track en de paden op de grond. Wel leuke route.

  

De Lech is tam van de stuwdammen nu, maar nog in 1911 was het een rauwe, dynamische vlechtende rivier.

  

Een landschap met zo weinig elementen. Knalgroen gras, dennebomen, schuurtjes, weggetjes. En tienpersoons-kerkjes.

  

Alle drama van lokatie en architectuur uitgemolken. Schloss Neuschwanstein, beter bekend als het origineel achter het Disneykasteel.

  

Zoek altijd de alternatiefste tent. Ze hadden bietensalade, ik wilde soep. Hebben ze de salade in soep veranderd. Knap en lekker.

 

Tussendoortje: uitrusting

   

Samen met Pasen in een Ferienwohnung: heerlijk. Een warm bad van liefde en een spijkerbroek. 

Maar papa moet wel even alles wassen, schoonmaken, nalopen en aanvullen. 

Leuk om even te laten zien hoe veel ik toch nog bij me heb. Al vindt Suze dat het lichter is dan haar schooltas. (Klopt niet hoor)
1
De rugzak, alle vakken bij elkaar 2300 kubieke inch, 36 liter. Het is 1 simpele zak, zonder frame, met simpel draagstel. Buitenop zitten twee flessenzakjes, één groter net achterop, en een deksel. Op de linkerheupband zit een rood zakje voor de telefoon. 
2
Bovenin het deksel van de rugzak:
- papieren (rood tasje), portemonnee
- accu en laadsnoeren
- zakmes
- koptelefoon, waterverfsetje, blaadjes zeep. 
- schrijfboekje en pen. 
- geel foudraaltje met zalfjes ea
3
De rugzak krijgt z’n stevigheid van 
- het matrasje (geel). 
- tent en stokken
- slaapzak (zwart)
4
In het hoofdvak:
- bodywarmer (boven, zwart)
- lakenzak (blauw)
- kleding (blauwgroen; avondsokken, ondergoed, truitje, overhemd, lange onderbroek)
- pan met beker, brander en windscherm erin
- foudraaltje (donkergrijs) met massageolie, kompas, voetenspul, kam, etc
5
Buitenop:
- zonnebril
- 2 x 250 cc brandstof
- regenkleding (khaki)
- thermos, 1 literfles, 1 liter opvouwbare fles (paars), lepel. 
- grondzeil ( op de foto zit die al in het netje van de rugzak)
6
Wat ik aan heb. 
Hieronder nog wat foto’s. 

 

samen in Rothenburg

De meiden in een jachtstoel

  

Paasvuur in de buurt. Heet!

  

Onder handen genomen door Suze met de make up test app van L’Oreal. (Marketing gericht op meisjes…)

 

Expeditietje spelen

Apeslecht weer deze week. Een koufront, met storm. Maandag vanuit Rothenburg enorme buien nog ontweken, en geslapen tussen gespierde Douglassparren. Dinsdag waaiden losstaande sparren om, en sliep ik in jong en flexibel bos, wijzer. De nacht van dinsdag trakteerde mij op storm, hagel, sneeuw én onweer, recht boven mijn tent. Niet fijn, maar laat ik de volgers geruststellen: het viel ruimschoots binnen het bereik van mijn ervaring. Ik heb nog eens in een bivakzak in de sneeuw op een IJslands lavaveld gelegen, ‘s nachts op ski’s gestunteld op een Groenlands eiland, of een herfststorm doorslapen op een Schotse bergtop. Ja, lach er maar om. 

Woensdag raasde het wat na, met heel koude wind. Ik sliep onder een solide beuk. 
Donderdag sneeuwde het nat, met wind, het koudste weer. In de middag klaarde het op, gevolgd door een nacht met ijs ín de binnentent. Zo. Anders nog iets? Zeg, weergoden, ik loop hier nog gewoon hoor, en die tent krijg je me ook niet uit m’n hoofd geblazen. 
Minder prettig: ik had het voor elkaar gespeeld het zogeheten thuisfront in zo’n zelfde stormachtig humeur te krijgen. Althans, zo leek het. Want de claim dat je zo goed na kan denken in de natuur, is onzin. Je kunt láng nadenken in de natuur, en dan vooral in je eigen richting. Zonder tegenspraak. Kleine onenigheid groeit op deze vruchtbare bodem snel aan tot eenrichtingswanhoop. Maar ook die hemel is weer blauw. 

Natuur. Mja. Natuur van enig karakter, die heb je hier nauwelijks. Het bos is functioneel. Cultuurlandschap, daar is de Flurbereinigung (ruilverkaveling) overheen gerold. Blijft over de geologie. Die is spectaculair: de Ries van Nördlingen is een inslagkrater. Een interessante vlakte, met kraterrand. Met tal van bizarre verschijnselen, zoals rondvliegende stenen groot genoeg om een kerkje bovenop te bouwen. Waarmee ik op Goede Vrijdag toch nog iets van religie meeneem. 


Met kleine lettertjes zegt de Frankische Alb Verein dat ze het simpel houden: volg de Main Donau Weg.

  

Maandag 30 maart. Met Ulla, een gepensioneerde Wiskundelerares (pijnlijk Punktlich) ontwijk ik wel 4 van dit soort gevaartes. Mazzel, geen opzet.

  

Jachtstoelen, altijd fotogeniek. En ze telen hier riet.

  

Na 40km, nog steeds niet nat. ongelooflijk.

  

Verscholen in stevig bos. Met afwasplek.

  

De menselijke maat uit je landschap halen, en het industriële erin toelaten is een fout. (“Lees ik hier nou dat jij tegen windmolens bent Klaas?” Yep. Doe maar in havengebieden ofzo.

  

Boom 1 valt om. Ik zet de videocamera aan.

  

Als ik de video weer heb weggestoken, valt boom 2. Ik maak me uit de voeten. (Het is overigens niet mijn route waar ze overheen vallen).

  

Fremdlingen. Lang gewacht op hiernavolgende bui, in bakkerij. Hele levensverhaal van mevrouw aangehoord. Lief mens, maar alleen naar klaarstaan voor anderen, nee, dat is inderdaad geen goed idee. Veel koffie op.

  

Een grondzeil van 70 gram, hoe lang gaat dat mee?

  

Ik zeg het zo vaak: slecht weer is fotogeniek!

  

Lange rechte wegen in de vlakte van de Nördlinger Ries.

  

Klittenband van mijn linkermouw repareren. het is al weken stuk, maar met de koude wind wil ik die mouw dicht hebben. Erg leuke kleermakerij, gratis en adembenemend snel.

  

Natuur: mager grasland met o.a Jeneverbes. Hier verloren de Zweden een slag in 1634.

  

Kopergravuremoment

  

Gekregen. Totaal uit het hart, bezwoer de natuurwinkeljuf mij, nadat ze mijn hele reis had dichtgeplamuurd met clichees zoals ‘Selbstfindung’, ‘Naturenergie’ en ‘Die Bestimmung findet dich’. Heerlijk spul, ook in de pan.

  

Blauw= die ochtend bedacht. Paars=daadwerkelijk gelopen. Je ziet: verkeerd lopen is heel relatief, en dan is die andere route ook nog het gevolg van inzichten ter plekke.

  

Vallen ze nou nog? Ach, ben er al onderdoor.

  

Kapel op geland rotsblok van 60m doorsnee.

  

De Donau! Na 1185 km. Geweldig!

1000 kilometer trouw

Hoogtepunt deze week: de Madonna van Stuppach, van Matthias Grünewald, 1519. Ik ben ervoor ‘omgelopen’, net als proto-pelgrim Herman Post in 1989. Het overdonderende, rare schilderij heeft een Wikipedia-pagina, en een eigen website, dus zoek m even op! Eén weetje: het is geschilderd met verf uit kwark, kalkwater en gemalen halfedelstenen en plantensappen. Dat verklaart waarom Maria zo straalt en het schilderij zo kleurig overkomt. Die verf is heel kleurecht en na 500 jaar nog prachtig. 

Tweede thema: trouw. Ik ben een opportunist qua route, iedere dag een andere Wanderweg, maar wel erg trouw aan de route als groter geheel. Ik zal nóoit de trein pakken (oei, wacht maar). Dat is ontrouw. Je laat dan je verwachtingen, aan welke de tocht qua schoonheid of tempo kennelijk niet voldoet, de baas zijn over je vermogen om te ondergaan. Als bij een nurkse vakantieganger die precies de foto’s in het gidsje wil zien. Wat het is met trouw: wil je korte termijn genot, verlichting van een taak, door vals te spelen; of wil je weten wat écht volhouden je gaat brengen? En waar trek je de lijn, ben je trouw in de geest, of naar de letter?
Praktijk: na de Madonna is teruglopen naar de Panoramaweg Taubertal niet logisch. Dus ik trok een rechte lijn van Stuppach naar Rothenburg ob der Tauber. Bleek een leeg stuk, met veel akkers en piepkleine dorpjes waar je niks kunt kopen. Ik dacht dus zondag zonder eten 30 km in regen en wind te moeten lopen. Zou ik zo’n stuk overslaan, dan zou ik niet weten dat halverwege, in het boeren-tienhuizen Spielbach, waar ik even de route checkte, mij het volgende overkwam. Uit een vuilige boerderij klonk vrolijk geroezemoes. Was het droog geweest, was ik doorgelopen. Maar nu trad ik binnen… In een tjokvolle voorkamer vol etende Schwaben. Ik vroeg aan de dichtstbijzijnde: ist es hier ein Gästehaus? (Geen bord buiten, niks) Und gibt es Mittagessen? Ik werd bij de enorme kachel gezet tegenover iemand, en kreeg bier en Sauerbraten. Absoluut oma-eten in de boerderij van mijn grootouders anno 1975. Vla in je schoongelikte aardappelbord. 
Er verscheen een heel knokig dametje in een schort, met een geldkistje. Wilde je betalen, moest je op audiëntie. Kraakheldere ogen. En geen poespas: eerst vertellen waar je vandaan komt, je bent echt helemaal niet van hier hè, en wat je hier brengt. 

Wat me in Spielbach bracht? Trouw. 

 

Panoramaweg Taubertal: veel akkers, maar wel hele lekkere. Veel roder dan op de foto.

  

Kloster Bronnbach. Mooi, maar met een commercieel tintje. Of deed deze onvrome automobiel me dat denken?

  

Wat maakt de meeste indruk? Oude beelden vol kracht en hoop en geloof. Ik raak ze aan.

  

Moet ook gebeuren, aangebrande pan schrobben. Marijke, dank voor t nieuwe sponsje!

  

Gamburg, reclamefoto voor m’n pension. Wat ik hier At? Hou je vast. Twee sneden Duits brood besmeerd met saus, daarop een laag knapperige uitjes, daarop een overhangende schnitzel (vers), daarop twee spiegeleieren, en daarop dan nog vier repen gebakken spek. Vraagt de waard of ik er een bord bratkartoffeln bij wil.

  

Burcht, Gamburg. Mooi gelegen dorpje.

  

Heel fijn als oudere mannen zo gelukkig zijn. En ze wisten waar ik heen ging, want Noud Maas was 4 jaar eerder ook al langs hun bankje gekomen.

  

Jongens! Kappen nou!

  

En dan zoek je de tekst maar op. Onbenullige tekst, maar zo ambigu, en vilein gezongen.

  

Ik ging de Tauber van dichtbij bekijken, nét toen hij helemaal niet lieblich was.

  

Aha. Net als thuis komen de ambachtelijke bakwaren gewoon uit een fabriekje!

  

Je ziet de tent net, twee meter het bos in.

  

… hij staat óp het pad, een pad heeft namelijk een vorm waar je goed in ligt.

  

Misschien zie je het niet, maar hier gaat het om in deze buurt: de vanzelfsprekendheid waarmee weggetjes en akkers zich voegen naar de anatomie van de heuvels. Genieten!

  

Zaterdagochtend, Bad Mergentheim. Een leuk verzetje: even de straat blauw zetten met de tractor.

  

Rollen hooi. Als dit opzet is, dan is het kunst. Dat spleetje.

  

Nog drie uur wachten voor de glazen wand opengaat. De Madonna van Stuppach heeft status: een eigen website, een eigen kapel, een eigen Führerin, die om half twee aan mij verschijnt.

  

De pelgrim weer diep geroerd. Nog nooit zoveel symboliek en verwijzingen op 1 doek gezien, denk ik.

  

Eindelijk behoorlijke kaas gevonden. De Duitse ‘algemene kaas’ is hopeloos.

  

Wéér vergeten een foto van de kampeerplek te maken. Gelukkig regende het vannacht.

  

Van Stuppach recht naar Rothenburg vraagt wat van de wandelaar. Leeg, nat en winderig.

  

Pauze in door wind schuddende jachtkansel. Wat bouwen ze daar toch een fijne bankjes in.

  

Is dit een Gástehaus? (zie tekst)

 

Pelgrim zonder Gebod

Afbeelding

De afgelopen dagen was ik volgzaam. De Vier Länder Weg was mijn route van Worms naar Wertheim door het Odenwald.  Ongewoon, want ik maak er vaak een punt van me niet te laten leiden door voorgeschreven routes, of gidsjes. Is dat iets van mijn generatie, die met de probleemloze nieuwbouwwijk-jeugd waarin alles vanzelf ging? ‘Moeten’, daar krijgen we jeuk van. Een docent kijkt wel uit, die zegt nooit ‘je moet’, maar iets als ‘je doet het voor jezelf’. Maar helemaal geen enkele instructie accepteren (iets ‘vertikken’), dat zet je buitenspel. Een volkomen vrije wandeling gaat niet. 


Er zijn ook mensen die geen instructies accepteren, waarvan het gepikt wordt: kunstenaars, visionairen. Die hebben een allesoverstemmende drive van binnenuit, geen geboden nodig. Hij of zij móet iets. Er is focus, en toewijding. Soms is die zo sterk, dat ie van Boven lijkt te komen. Men kijkt ademloos toe en vergeeft hem alle dwarsheid. Een heilige? 
De gewone sterveling is veroordeeld tot een moeizaam zoeken naar aandrijving, of tot het volgen van bordjes. 

Een man zei tegen me: “jij kan dit omdat je verbonden bent. Daarom kan je goed alleen zijn.” Mijn vrouw zei “je ziet er heel anders uit, open”. Het gaat de goede kant op. Een tevreden wandelaar, er valt geen onvertogen woord onderweg. Dat komt omdat er niks moet, ben ik bang ;-)

Worms blijft me bij als ‘rommelig’. Er is ook een t-shirt met I Love Worms.

  

Duitsers, zeggen ze tegen mij, worden dol van hun eigen Ordnung. Dit is in Bobstadt (geen grapje), de Frankensteinstraat (geen grapje). Overdag geen mens buiten, logischerwijs.

  

Ongelooflijke mazzel: de architectuur/kunst-pelgrim stuit op een gesloten Königshalle, Kloster Lorsch, maar de opgravers geven hem een rondleiding!

  

Schrijfster van een boek over deze plek legde me uit: er zijn 9e eeuwse tekeningen en 14e eeuwse overschilderingen. Geeft mij het gevoel dat de tijd zich eindeloos uitstrekt.

  

Kloster Lorsch, wat een parel! (alle wandelroutes slaan m over!!!)

  

Een Borussia Dortmund-boerderij, zo zuidelijk ben ik dus nog niet.

  

Geen toeval: de plek Teufelstein die ik uitzocht bleek een monument voor gevallen leden van wandelvereniging Odenwald Klub.

  

Hout stapelen, dát kunnen ze hier.

  

Eindelijk een havik gezien, en een sperwer, en deze plukplaats. ik vreesde steeds: waar jagers zijn, zijn geen haviken. dat is de regel.

  

Reichelsheim, circus en Schloss

 

Ik wilde Schloss Reichelsberg bezoeken, maar liet me weerhouden door dit alarmerende bord. Het geloof accepteert de teruggang niet!

Deze streek heeft iets met chocoladehazen. Hier wordt een originele Beerfurther Hasenform aangeboden.

  

Tjeeminee. Frikadellenweck. Met scherpe saus!

  

Onthullend: als je een Basilika bouwt, MOET je relikwieen regelen, anders komt er niemand. Geloven vraagt meer dan alleen een kerk en geboden, er moet ook gezag ontleend worden aan iets. Materieel bewijs. Hier in Michelstadt mislukte dat, en dus staat de basiliek er onveranderd bij sinds 815!!

  

Zwembad, Michelstadt. Hier had ik moeten gaan kamperen.

  

Jachtkansel, mobiel, met bemoste gordijntjes.

  

Geen toproute, de Vierländerweg. Lievelingsplek: Streuobstwiese met houtstapels.

  

Uitgenodigd aan tafel door leuk beiers stel. Sublieme Bratwurst. Miltenberg.

  

Overal blokken steen waarmee men iets wilde. Deze heeft een cirkel van 75 cm, moest een zuil worden.

  

Kampeerplekje, Wanneberg.

  

Donderdag, bosbouwdag. Langdradig.

  

Sommige van die jachtstoelen zitten dus heel lekker!

  

Landschap op sigarettenautomaat.

 

  

  

  

  

  

  

  

  

  

  

  

 

 

 

 

 

 

 

 

Staartje

De WordPress app is wat weerspannig. Het staartje van de Rheinsteig en aansluitend de Rheinterrassenweg naar Worms stop ik even in deze post, vanuit de bieb van Bensheim. 

Worms vind ik wat tegenvallen. De US Air Force was here, dus geen mooi stadshart, maar een optelsom van oud, herbouwd oud, ge-herinterpreteerd oud, na-oorlogs en echt nieuw. 
In het Nibelungenmuseum beklaagde de schrijver van het Nibelungenlied zich in de audiotour over iets soortgelijks. Dat Wagner zijn verhaal met de IJslandse Edda had gemengd, dat Fritz Lang er een film van had gemaakt die de Duitsers weer wat zelfvertrouwen moest geven na WO1, dat Hitler zijn Siegfried had misbruikt en dat Hollywood deed wat het wilde met draak, goud, ring, vloek, zwaard, onzichtbaarheidsmantel en helden.
Ach, ik kende de Nibelungen alleen van Suske en Wiske’s ‘Ringelingschat’, met Bikfried als de held. Twee middelbareschoolvrienden gaven zelfs een tijdschrift uit over Siegfried. 

Boodschap: mensen zoeken verhalen. Vinden ze die, dan rommelen ze ermee tot ze in hun straatje passen. 

Met zus Marijke op weg naar Mainz. Bij elke stopplaats word je aan je jasje getrokken over wijn.

  

Slot Biebrich, Wiesbaden

  

Voor het contrast wat kleurrijke industrie.

  

Prachtig weer, lekker eten en wijn bij Pomp, Mainz

  

De Dom van Mainz heeft 92 graven en gedenkstenen, maar geen rondleiding deze keer.

  

Mainz uit, en al na een uur een schat gevonden, dankzij mijn vrije route. Prachtige opgraving can Romeinse graven-straat in kantorenwijk.

  

Op de navigatie zie je goed hoe de Rheinterrassenweg loopt: op of langs de wijnhelling, die doorsneden wordt door evenwijdige weggetjes.

  

‘Rotliegend’ heet de wijn die bij Oppenheim boven de Rijn op zandsteen groeit.

  

Ontbijtinnovatie. In Schotland gebruikte ik altijd melkpoeder om de havermout te maken zoals thuis. Hebben ze hier niet. Eerst gecondenseerde melk geprobeerd, daarna slagroom en hierboven kookroom. Werkt! Ook bosbessen.

  

Bron, op de kaart ontdekt, blijkt middeleeuws én met mooi kampeerveldje erbij.

  

Holle weg in dikke laag Löss,

  

Aan de noordelijke horizon het financiële hart van Europa, Frankfurt.

  

Worms zit raar in elkaar.

  

… met hier en daar een mooi stukje.

 

Überregionale Premiumwanderweg

Ik kan het niet laten, nog een ronkende Duitse titel. Het wandelpad in kwestie is de Rheinsteig, rechtsrheinisch in mijn geval. En Premium is-ie. Ik kan de zaak met 1 zin samenvatten: het cultuurlandschap is op elke schaal boeiend. Zie de foto’s.

Eigenwijze Pelgrim Klaas had de Eiffel overgeslagen en moest dus hier op de steile hellingen zijn klimspieren kweken. Toen er op dinsdag en woensdag bakkende zon bijkwam (diezelfde die voor de heerlijke wijn zorgt) werd het wel even pittig. Vier nachten kamperen in bos en op heuvel is heerlijk. Op zondag sprak ik met mijn zus af dat ik donderdag in Martinsthal zou zijn. De hanenpoten-tracks op mijn telefoon zeiden dat dat 120 km was. Ik begon dus net een rustdag van 21 km naar Braubach. Later daagde het mij dat de afstand eerder 130 leek te zijn, ook met een paar afsnijdingen. 

Zo’n pad, onderhouden, bewegwijzerd en gedocumenteerd, kost geld. Dat wordt betaald door ‘partners’. Hotels, wijnboeren en gemeentes. Iedereen roept dat ie erbij hoort. Zo krijg je ook wat nadelen kado: veel commerciële uitingen onderweg, en een route die het soms wat te bont maakt bij het aaneenrijgen van álle dorpjes en uitzichtpunten. Gelukkig ben ik een vrije vogel, en kon ik de Rheinsteig soms eens laten voor wat ie was en even boven op de akkers blijven, waar de rode wouw heerste. 

Donderdag in Martinstal met zus en zwager lekkere wijn gedronken en bijpassend gegeten. Vandaag (vrijdag 20 maart) met m’n zus naar Mainz gelopen. Een buitengewoon genoeglijk dagje, door zonovergoten wijngaarden, stadsrand en industrie, met een riante lunch als slot. Fijne stad, Mainz. 

Bad Ems werd bezocht door koningen, de keizer en de tsarina. Onderdrukkers van toen die tegenwoordig leuke cafénamen opleveren.

Nou moet je ophouden!

Geinig: lokaal mini wandelingetje over Freiherr von Stein, in Frücht.

Fritz-Eck, de bruinste kroeg van Braubach uit 1597. Stugge waardin vult wel de waterflessen.

Mensen willen allemaal hetzelfde

een temperatuurinversie verandert de Rijn in een Nevelrivier.

We zijn in het zuiden: veel meer wegkruizen en kapelletjes.

Maria heeft mij geholpen! Mij nog meer!

De Rheinsteig stijgt! bovengekomen moest ik terug, de burcht waar het pad doorheen loopt was nog gesloten.

Burg Maus: schi-te-ren-de droogstenen muren.

Gezellig, drie studenten met kampvuur.

Rijke begroeiing, hagedissen, veel gorzen en allemaal planten die ik niet ken.

Steil naar benee naar Kaub, waar de weinstubes dicht zijn …

… maar Benno’s biker-tent open, ook voor voetgangers. Warme sfeer.

De zon, wel boven de heuvel, niet boven het bos.

De hoek om, oostwaarts naar Mainz. Het Rijndal is hier weer wijds.

7u ochtend. Abdijkerk van Sint Hildegard. Geraakt, en mis bijgewoond.

Schloss Johannisberg, de parel hier. Thomas Jefferson was hier in 1778.

Wijn en chemie, lastig. Maar dit zijn geurstoffen van BASF om motjes in de war te brengen.

Eerste ijs. Makkelijk warm genoeg voor.

Winterreise

Wat een sensatie. Ik zie alles, en alles klit aan elkaar tot een waterval van gedachten en beelden. Heerlijk. 
Lees de bijschriften maar. Hieronder het resultaat van wat gedenk. Pelgrimeren is beschouwen, en terugvliegen door je leven. Je krijgt in je dromen bezoek van de raarste tantes en buren, en van Bill Clinton. 
Ojee, ojee ons romantische wereldbeeld. Waarin we unieke individuen zijn die op zoek moeten naar ware liefde en geluk. Dat beeld levert een hoop ellende op. Al die zoekende lui. Met betrekking op mijn route: ook landen gingen zichzelf uniek vinden, en bedachten allerlei redenen waarom ze zo speciaal waren (Storytelling heet dat nu, kijk uit). Sterven voor het vaderland was een tijd erg in de mode. 
Mijnwerkers, steenkoolbranders, soldaten, wat een lijden kom ik tegen. Die benaming ‘soldaat flierefluiter’ die ik verzon, daar kun je ‘soldaat’ wel van schrappen. Vijf minuten koude vingers van het ont-ijzen van mijn tent, dat maakt je geen soldaat. Het woord ‘ontberingen’ mag een pelgrim zoals ik niet gebruiken. Denk toch aan alle jongens en meisjes die zónder tent in de kou wakker worden, zónder eten, onder vijandelijk vuur of met weer een dag in een mijn voor de boeg. En die ‘wandelen’ helemaal niet kennen. 
Mijn generatie kan zich dat lijden niet voorstellen, en het ook niet meemaken. En we moeten het ook niet wíllen meemaken, want dat het lijden ons zou louteren en een beter mens zou maken, was dat niet één van die hardnekkige verhaaltjes uit de romantiek?

citymarketing: met het gebeente van de drie koningen in je Dom, wint de stad aanzien en macht.

Duidelijk ontaarde kunst, verbranden dus, vonden de nazi’s. Ludwig Haubrich ging ertegenin en bleef verzamelen. Museum Ludwig, Keulen.

Dit was alles wat ik van het Romeinenmuseum heb gezien. Roemenen.

Keulen kan er enorm zuidelijk uitzien. Pantaleon Basilika, 9e eeuws.

‘Wat doe je nu?'; ‘Ik eet yoghurt bij een aspergeveld’. Dat is niet gek, veel gekker is dat ik zonder hond loop.

Gribusplek. Je ziet mijn warmte, en het ijs dat ik afschudde.

Ook industrie kan romantisch zijn. Dat hebben ze liever.

Nieuwe muts. Grote verbetering. (Je ziet dat ik zonder jas loop, na nachtvorst is het al om 10u warm genoeg. )

Serveerster vind dat de tent wel over een bank kan drogen. Witte wijn op komst

Bad Godesberg. Villa van de toenmalige Britse gezant. veel villa’s, mausoleums, internationale school in dit Wassenaar van Bonn.

Drachenfels met aak.

Mooi winterweer aan de Rijnoever.

Nou ja! Kom ik toch lievelingskunstenaar Hamish Fulton’s werk tegen. Hij liep 2838 km als kunstwerk. Hij schreef me een kaart, dat hij niet begreep dat ik zijn catalogi wilde vormgeven. Hij had gelijk en ik moet die kaart terugvinden.

Goed nieuws: de veerboten die de Rijnoevers bedienen, worden lokaal gebouwd.

Mooie verhalen genoeg over de Brug bij Remagen. Maar het was gewoon een slachtpartij natuurlijk. Trap er niet in, oorlogsverhaaltjes.

Linz en de aalscholvers vanaf de brug over de monding van de Ahr.

De Fluxus-beweging zou dit ‘ongeregisseerde choreografie voor burcht, aak, man en machine noemen. Maar zoveel dingen zijn onbedoeld.

De eerste wijn, en de Rheinsteig.

Om 3 uur al gestopt, op deze Streu-obstwiese. Dat bordje rechtsboven duidt Romeinse Wachttoren 1/7 aan.

Zuinig met water: bouillonblokje bij de pasta, dan kun je het afgietwater opdrinken.

Vooroordelen aan de kant! Deze man is vegetariër, luistert dubstep, en gaat NIET naar Thailand op vakantie.



Je wijkje steekt wat lullig af tegen de superstrakke Romeinse militaire gebouwen.

Mensen móeten weten wat ik kom doen in hun lievelingsbos.



Heel interessant: een wachttoren-reconstructie uit 1912. Toen wilden ze graag denken dat de Romeinen het Germaanse vakwerk navolgden. = verbind je volk met een groots Rijk, dat voelt goed.

Donkere kookplek, lichte lichaamswarmte

Hee, geen zon!

Zo maak je het heel makkelijk om het Duitse Woud als eindoverwinnaar af te schilderen. Castellum en wachttoren.

Ze hebben hier hele luie bankjes voor na een stijve klim.

Auf eigene Gefahr!

Wildkamperen, fantastisch op een Schotse berg. Maar wat een gedoe in een Ruhrgebied-Stadtwald! Zou je nou niet eens stoppen met verstoppen? Dan kun je ook een beleefd bezoeker zijn. Dat is wat waard in het gehoorzame Duitsland, dat stikt van de zeer dwingende bordjes. Vooral ‘auf eigene Gefahr’ is populair. Daarmee maak je elke activiteit tot een waagstuk. 

Toen ik dus zaterdagmiddag bij dalende zon zag dat het Wald een Naturschutzgebiet was, met uitdrukkelijk verbod, niet alleen op kamperen (zelten) maar ook op mijn smoeswoord bivakkeren (lagern) moest ik overstag.
Een stapje het bos uit en daar is het vervallen boerderijtje met weitje al. Tierärztin Antje vond het meteen goed, een beetje um die Ecke. 
Zondag eindigde de loop in het Stadtwald Hilden. Heel fijn bos, vergeven van de joggers. Ook hier: aan de rand een groot huis, waar Uwe opendoet. Achter de schuur, waar een geëlektrificeerde Jaguar E-type in staat, is wel plek. En gebruik ook het monteurstoilet maar. 
Een stapje verder nog: om 3 uur geen water meer inslaan maar er op vertrouwen dat je dat op de kampeerplek wel krijgt. (Jaja, maar dinsdag, tussen Keulen en Bonn, lukte het water wel last minute maar de plek niet, zodat ik op een gribusplek terecht kwam.)

Essen uit, naar Kettwig, waar het meteen retesteil werd.

.Zaterdag is iedereen aan de wandel. Men kijkt niet op van mijn rugzak of kleurige kleren, maar van de ontbrekende hond.

Boerderij, potentiële kampeerplek. Ja dat is een pauw daar in die boom.



Fijn, zo’n Wiese. Dalende maan bij zondopkomst.

Veel rivierdalletjes op zondag. Hier die van de Auger.

Zo bruin als ik word jij nooit, pretoogde de Neanderthaler.

Zeer ingenieuze vallen nagebouwd in het Neandertalmuseum, en niet slleen op schaal.

De Griek bij Stadtwald Hilden heeft een bel bij het keukenraam.

Met stromend water en wifi.

De brug waar ik over wilde. Not.

Nou wordt het echt link, een gaspijplijn! Maar ik durf dat wel hoor.

Deze boomklever is ontaard: hij klimt niet, zoals het hoort, met de kop naar beneden. Kleiber sollen immer den Kopf runter halten!

Geheimtipp: groentesap en chips.

Leverkusen: ook al geen Altstad. Dit mogen ze wel bombarderen.

Slechte timing. Het 51m hoge Bayer logo moet je bij nacht zien.

Industrie, villas, woonblokken, sportvelden, volkstuintjes, de schietvereniging , dan dit beeldenpark Stammheim en dan … de Rijn!

Samen met mij vaart het Sneker vrachtschip Euforie de stad Keulen in. Euforisch, dat ben ik!

Nog wat gevangen? ‘Frische Luft’, nou ik ook.

Avondwinkelstroom voor de foon.

Tsja, 37km, en nog 4 te gaan.